Historie

Stichting

Visserijmuseum Termunterzijl

Opgericht 2 juli 2012.

In 1601 werd in de monding van het Termunterdiep een sluis (zijl) gelegd. In 1725 kreeg bouwmeester Antoni Verburgh opdracht deze te vervangen door een nieuwe sluis. Het resultaat was de Boog van Ziel, die anno heden nog steeds het zoete en zoute water van elkaar scheidt. Het Termunterzijldiep was niet alleen belangrijk voor de afwatering, maar groeide ook uit tot een belangrijke scheepvaartverbinding met het achterland.

Sluizen geven schippers de gelegenheid om scheepsbenodigdheden en proviand in te slaan. Het gevolg was dat zich bij de sluis, behalve sluis- en overheidspersoneel, ook middenstanders vestigden. Kortom, rond de Termunter zijl ontstond een woon- en werkgemeenschap: Termunterzijl.

Naast de binnenvaart deed ook de zeevaart nadrukkelijk van zich spreken. In 1852 werden rond 170 zeeschepen ingeklaard en iets meer dan 200 uitgeklaard. Hun bestemmingen waren havens in vooral Noorwegen, Duitsland, Rusland en Engeland. Ook werden vanuit Termunterzijl trans-Atlantische reizen ondernomen. Veel zeevaartkapiteins kozen het dorp als woonplaats. De welvaart in Termunterzijl werd geschetst in de bijnaam voor het dorp: Golden Zieltje. In 1866 hadden veertien zeeschepen hun domicilie in Termunterzijl.

Vanaf 1900 liepen de zeevaartactiviteiten sterk terug. Het in 1875 opgeleverde Eemskanaal en de goed geoutilleerde haven van Delfzijl met haar rechtstreekse water- en spoorverbindingen met het westen van het land overvleugelden de haven van Termunterzijl.

De afname van de zeevaart liep synchroon met een groeiende interesse voor de beroepsvisserij. Dit beperkte zich aanvankelijk tot het uitzetten van staande netten op de Dollard en langs de Nederlandse laagwaterlijn. De netten werden rond laagwater leeggehaald, waarbij de vissers zich bedienden van sliksleden (Gronings: kraiten).

Later schakelden de vissers over op boten die op de Eems ter visvangst voeren. Het leverde tal van internationale disputen op met de Duitsers, die het alleenrecht van visvangst op de Eems claimden. Het kwam tot een internationaal compromis en Termunterzijl ontwikkelde zich vervolgens tot een visserijdorp. Vrijwel iedere inwoner had connecties met de visserij, als eigenaar van een vissersschip, van een garnalendrogerij, als handelaar of als werknemer op de visafslag. In vrijwel ieder huisgezin werden dagelijks door vrouwen en kinderen vele tientallen kilo’s consumptiegarnalen gepeld.

De visserij legde gedurende een eeuw een nadrukkelijk stempel op het dorp. In de jaren tachtig van de vorige eeuw kwam er een ommekeer in de wijze van exploitatie van visserijbedrijven. Het betekende op termijn het einde van de Termunterzijlster vissersvloot. De ligplaatsen van de viskotters werden overgenomen door de recreatievaart.